|
Algemeen
|
|
Geschreven door Esther Donkers
dinsdag, 06 december 2011 20:20
|
Door kneuterige straatjes reed ik, witte huisjes langszij, mijn auto wurmde zich door krappe bochten als een mol te dik voor zijn onderaards gegraven gangen. Voor mij doemde een megalomaan gebouw op, nieuwbouw, veel glas en witte zuilen aan de voorkant, als een vinex Forum Romanum. Daar moest ik zijn. Ik vond een parkeerplek in de buurt en liep tegen de wind in naar de zuilen. Het was waterkoud. 'Hela,' riep een meneer die me net voorbij was gefietst. Hij remde, zette zijn voeten op de grond en bedekte zijn kale hoofd met twee handen. Hij keek naar de straat achter mij, ik keek mee, daar lag een bruine pet. Er was een moment van twijfel, de oude petloze man maakte een vermoeide schijnbeweging en keek me daarbij aan met waterige, hoopvolle ogen. Ik begreep wat hij wilde en rende de straat op. Een suède cognackleurige pet was het, ik raapte hem op, rende terug en gaf hem aan de man, die zijn handen van zijn oren haalde. 'Dankuwel,' zei hij, en nog iets dat ik niet verstond. Het was Brabants dialect. Het gaf niet dat ik niet wist wat hij zei, het was ongetwijfeld iets goeds, en even daarvoor hadden we ook uitstekend gecommuniceerd zonder woorden.
|
Reacties
Maar zie je gaan ;)
RSS lijst met reacties op dit artikel